Het mooie van schrijven is dat je de wereld kunt ordenen, maar soms heb je een Mark nodig om die wereld weer even flink door elkaar te rammelen. Zeker nu. De verkiezingen zijn achter de rug, de stemmen zijn geteld, maar de livestream van de gemeente Ede staat desondanks op zwart. De raadszaal is nu het domein van de formatie; achter gesloten deuren wordt er onderhandeld over een nieuw college, en dat laat een onwerkelijke leegte achter in mijn huiskamer. Geen live debatten, geen scherpe interrupties en – tot mijn oprechte spijt – geen gepassioneerde betogen meer van Rashid Görgülu. Nu DPE van het toneel is gevaagd, is die kleurrijke stem uit de raad verdwenen. Ik moet eerlijk bekennen: ik ben aan het afkicken. Terwijl de politiek zich afspeelt in de wandelgangen, voeren wij bij gebrek aan digitaal schouwspel ons eigen debat.
Mark heeft een hartgrondige hekel aan Gemeentebelangen. Voor hem staat die partij symbool voor alles wat er mis is: een politieke mistmachine die vakkundig zand in de ogen van vaderlandslievend rechts strooit. Hij ziet het met lede ogen aan: terwijl het land volstroomt met asielzoekers, verschuilen de ‘baantjesjagers’ zich volgens hem achter een slimme marketingmachine. Geen inhoud, maar een gelikte reclamecampagne op het Museumplein, aanwezig bij de kroegen en eindeloze Facebook-filmpjes om de kiezer te verleiden. Voor Mark is het geen politiek, maar een afleidingsmanoeuvre van mensen die weigeren stelling te nemen, zelfs nu de kiezer heeft gesproken.
Ik kijk er als schrijver iets anders naar. Ergens heb ik een tikkeltje bewondering voor het vakmanschap waarmee ze dat doen. Hoe krijg je het voor elkaar om met die filmpjes en presentie op het plein zoveel mensen te binden zonder kleur te bekennen? Ik ben coulanter; we hebben in het Westen immers zo’n heilig geloof in de democratie, en dit is daar simpelweg een uitingsvorm van. Maar ik begrijp Mark en zijn vlijmscherpe artikelen die vaak over Gemeentebelangen gaan wel. Er moet iemand zijn die de vinger op de zere plek legt, juist nu het nieuwe beleid voor de komende vier jaar wordt uitgezet.
Als we het over ideologie hebben, vinden we elkaar sneller. Ik heb een zwak voor de visie van Burgerbelangen en zelfs een beetje voor Forum voor Democratie, maar daar trekt Mark een harde grens. Zeker in Ede moet hij er niets van hebben. "Laf meeliften op landelijke bekendheid," noemt hij het. Volgens hem moet je stemmen op een partij die écht lokaal geworteld is, zoals Burgerbelangen. Daar zit een fundament onder, een idee dat niet afhankelijk is van een flitsende campagnevideo of de waan van de dag.
Zelfs over 'de overkant' raken we niet uitgepraat. We mijmeren even over de tijd van Mens en Milieu Ede (MME). Mark kon er stiekem van genieten, en ik moet hem gelijk geven: Erik was zo slecht nog niet als linkse toevoeging aan het Edese palet. Nu hij weg is, voelt het gat dat hij achterliet koud aan. We krijgen er de radicale geluiden van de Partij voor de Dieren voor terug, en dat stemt ons beiden weemoedig. Het was de nuance van de tegenpool die het debat interessant hield.
Zo zitten we daar, de schrijver en de criticus. De één beschouwend en zoekend naar de schoonheid van het politieke spel, de ander vurig en onverzettelijk in zijn principes. Terwijl de camera's in de Bergstraat pas na de installatie van het nieuwe college weer aangaan om mijn 'verslaving' te voeden, schrijven wij hier ons eigen verhaal van Ede. Een verhaal van passie, ergernis en de voortdurende zoektocht naar een partij die écht ergens voor staat.
Mehmet