Welkom in mijn hoofd.
Voor de buitenwereld ben ik onzichtbaar, en dat is precies de bedoeling. Mijn politieke columns schrijf ik anoniem, net als Mark, omdat de inhoud voor zichzelf moet spreken. Maar mijn persoonlijke stukken? Die zijn mijn enige echte vluchtweg. Het schrijven is voor mij geen hobby; it is een noodzaak om de chaos in mijn hoofd te ordenen. Op dit platform leg ik mijn ziel bloot en vertrouw ik emoties aan het papier toe die ik in het echte leven angstvallig voor mezelf houd.
Juist daarom weet mijn vriend van niets.
Ik hou van hem, maar mijn gedachten zijn van mij. De gedachte dat hij hier zou meelezen, maakt me benauwd. Als hij weet wat er echt in mij omgaat, krijgt hij te veel inkijk in een wereld waar hij geen deel van uitmaakt. Ik wil thuis niet de vraag krijgen waarom ik iets voel, of verantwoording moeten afleggen over een column die ik in een opwelling van melancholie of frustratie heb geschreven. Dan wordt mijn veilige haven een glazen huis. Dan moet ik thuis gaan uitleggen wat ik hier juist probeer te ontwarren.
Vreemd genoeg vind ik het makkelijker om mijn diepste gevoelens te delen met duizenden anonieme vreemden op het internet, dan met de man die naast me op de bank zit. Vreemden oordelen niet; die lezen en lopen weer door.
Wie ik wel toelaat - soms tegen wil en dank - zijn Mehmet en Mark. Zij beheren dit platform met mij en zien elke letter die ik typ. Soms aarzel ik echt voordat ik op de publicatieknop druk. Het is confronterend dat zij een kant van mij zien die ik in onze gewone, dagelijkse gesprekken zorgvuldig verberg onder een glimlach of een luchtige opmerking. Ik weet dat ze zich weleens zorgen maken als een tekst van mij erg donker of emotioneel is. Dat is soms lastig, maar het is de prijs die ik betaal voor deze roedel.
Ik schrijf om vrij te zijn. Anoniem voor de wereld, anoniem voor mijn eigen leven, maar volkomen eerlijk op papier.
Lees mee, maar zoek me niet. Dit is mijn privedomein.
[Daan]