Buitenland in eigen gemeente

Gepubliceerd op 29 juni 2026 om 09:41

Ik hoef deze zomer niet te boeken bij een touroperator. Waarom zou ik? Ik woon in de gemeente Ede, en dat is tegenwoordig een wereldreis in een notendop. Als ik vanuit het centrum een kwartiertje de verkeerde kant op fiets, kom ik op plekken waar de taal, de zeden en de gezichtsuitdrukkingen zo vreemd zijn dat ik onwillekeurig begin te zoeken naar een wisselkantoor.

Ede zelf is inmiddels een soort overprikkeld expat-centrum geworden. In de buurt van de stations geven de 'nieuwe Edenaren' de stad een internationale allure waar Amsterdam jaloers op zou zijn. Maar zodra je de grens oversteekt richting de omliggende dorpjes, verandert de sfeer volledig. Dan rijd je plotseling een soort Zuid-Limburg binnen, of misschien wel een vergeten uithoek van Wallonië. Men kijkt er meewarig naar 'de stad'. Ede, dat is voor de dorpeling het Sodom en Gomorra van de Veluwe.

De liefde van de inheemse bevolking voor de naam van hun eigen gemeente is zelfs zo groot dat ze die het liefst uitwissen. Wie over de provinciale wegen rijdt, ziet het overal: op de blauwe plaatsnaamborden is het woord ‘Ede’ met chirurgische precisie weggekrast of overgespoten. Het is een vorm van grafische afscheiding. Alsof ze willen zeggen: "Wij wonen hier wel, maar we horen niet bij jullie."

En dan heb je de bewoners van Lunteren. De Lunteraan. Laten we even stilstaan bij die naam. Een Lunteraan. Het klinkt niet als een inwoner van een Veluws dorp; het klinkt als een exotische diersoort die alleen bij volle maan uit zijn hol komt, of een buitenaards ras uit een slecht begrepen sciencefictionfilm. "Kijk uit, daar heb je een Lunteraan!" Je verwacht dat hij elk moment een straalwapen trekt of een ritueel dansje begint rondom een hooiberg.

Het is buitenland in eigen gemeente. Ik heb geen paspoort nodig, maar soms overweeg ik toch een inburgeringscursus te volgen. Al is het maar om te begrijpen waarom ze die plaatsnaamborden zo haten. Voorlopig blijf ik maar gewoon een toerist in eigen achtertuin. Het is er goedkoop, de mensen kijken vreemd, en als ik me verveel, kan ik altijd nog proberen te communiceren met een verdwaalde Lunteraan.

Mark